Leugendetectie: kun je echt door mensen heenkijken?

De polygraaf - de klassieke leugendetector - wordt inmiddels beschouwd als een onbetrouwbaar instrument om leugens te detecteren. Intuïtief krijgen we soms heel sterk het gevoel dat iemand tegen ons liegt. Kunnen we daar dan wél op vertrouwen? En waaraan zien we dat iemand liegt? Laten leugenaars sporen achter die we kunnen leren herkennen?

Kortom: is leugendetectie echt mogelijk?

De eerste aanwijzing dat dat kan, kwam ik tegen bij de beroemde psycholoog Sigmund Freud. De absolute grootmeester in het door mensen heen kijken en de uitvinder van de praattherapie. Sigmund Freud is dan wel geen expert op het gebied van leugendetectie, maar was wel zijn hele leven bezig met het zoeken naar sporen die uit het onbewuste voortkomen. Omdat we niet bewust zijn van ons onderbewuste moet het onderbewuste wel een hechte band hebben met wat we diep van binnen écht voelen en denken. Op grond van zijn vele gesprekken en observaties kwam Freud tot de conclusie: "Geen sterveling kan een geheim bewaren. Als zijn lippen zwijgen, babbelt hij met zijn vingertoppen. Verraad sijpelt uit al zijn poriën". Freud wordt misschien niet in al zijn ideeën helemaal serieus genomen, maar dit is toch een interessante waarneming van een denker die van het zoeken naar (onbewuste) geheimen zijn levenswerk heeft gemaakt. Het suggereert dat er veel is af te zien aan het non-verbale gedrag van mensen.

De tweede aanwijzing dat leugendetectie mogelijk zou moeten zijn, vond ik bij de Britse Neuroloog Oliver Sacks. Het moet tijdens mijn studie zijn geweest dat ik het prachtige boek De man die zijn vrouw voor een hoed hield las. Hierin beschrijft Oliver Sacks een opmerkelijk incident met afasiepatiënten die luisterden naar een speech van de toenmalige charismatische Amerikaanse president Ronald Reagan. Ze kwamen al snel niet meer bij van het lachen. Waarom de hilariteit? Afasiepatiënten hebben moeite met puur woordbegrip, de exacte betekenis van een woord, ontdaan van elke vorm van expressie en gevoel. Ze zijn echter bijzonder goed in het luisteren naar de expressieve kant van iemands verhaal. Intonatie, toonhoogte, klankkleur, klemtoon, maar ook visuele cues zoals expressies en gebaren. Niets blijft voor hen verborgen. Ze beschikken over een opmerkelijke en bijna onfeilbare sensitiviteit voor toon en gevoel. Toen hen gevraagd werd waarom ze zo hard moesten lachen antwoordden ze: "Hij liegt!" De expressies, intonaties en gebaren van Ronald Reagan werden als bijzonder onauthentiek en incongruent ervaren. En dus moesten ze hard om de arme president lachen.

Deze mensen hebben een skill waar ik als leugenexpert jaloers op ben. Kon ik dat ook maar: met speels gemak zo’n scherp oordeel vellen. Ik zie het ook als een duidelijke aanwijzing dat als je maar op de juiste dingen let het wellicht echt mogelijk is om waarheid van leugen en eerlijk van oneerlijk te onderscheiden. En dat het misschien wel voor iedereen is weggelegd als een soort Sherlock Holmes door mensen heen te kunnen kijken. Afgaande op afasiepatiënten is het dus belangrijk om verder te kijken dan wat mensen letterlijk zeggen. Dat lijkt een open deur, maar dat is het in de praktijk niet. Veel mensen in mijn trainingen hebben de neiging om zich juist op de inhoud te focussen. Alleen de inhoud is al lastig genoeg vinden zij. Voor hen is het vaak een troost dat je leugenaars vaak ook wel op de inhoud kunt betrappen. Wa dat betreft kunnen we volgens Oliver Sacks leren van een andere groep patiënten: de agnosiepatiënten.

Er was ook een agnosiapatiënt aanwezig bij de toespraak van Reagan. Een agnosiepatiënt is de tegenhanger van de afasiepatiënt. Die heeft niet het vermogen om het expressieve aspect van taal te begrijpen en doorvoelen. Daarentegen is hij buitengewoon gevoelig voor de letterlijke betekenissen van woorden. Toen de agnosiapatiënt gevraagd werd om een reactie te geven op de toespraak van Ronald Reagen antwoordde deze dat de president ofwel een hersenbeschadiging moest hebben ofwel veel te verbergen had. Zijn woorden waren verre van overtuigend voor haar. Onlogische zinconstructies brachten haar tot dat oordeel. Dit is een aanwijzing dat ook het letten op de zuivere inhoud ons kan helpen bij het betrappen van een leugenaar.

Deze anekdotische observaties van Oliver Sacks sluiten goed aan bij hedendaags wetenschappelijk onderzoek naar leugendetectie. Aldert Vrij, wereldwijd een autoriteit op het gebied van leugendetectie, maakt bijvoorbeeld onderscheid tussen emotionele en cognitieve processen die een rol spelen bij liegen. Inhoud versus gevoel, cognitie versus emoties. Om een goede leugenontmaskeraar te worden lijkt het dus nodig om deze processen goed te kunnen doorgronden.
Oliver Sack’s waarnemingen helpen ons dus om te bedenken hoe je een goede leugendetector kan worden.

Een andere leermeester die ons op weg helpt is Silvan Tomkins. Hij was docent psychologie op gerenommeerde instituten als Princeton en Rutgers. Zijn motto was; er is geen moment zonder gevoel. En... gevoelens laten sporen in lichaamstaal en expressie achter. En omdat er geen moment zonder gevoel is heb je continu beschikking over waardevolle informatie over hoe iemand zich echt voelt. Over iemands 'ware ik'. Je kan hiermee misschien niet iemands gedachten lezen, maar wel de 'kleur van de gedachten' zien en horen. Tomkins scheen fenomenaal goed te zijn in het lezen van lichaamstaal en expressies. En niet alleen bij mensen. Het verhaal gaat dat hij tijdens zijn studie werkte bij een syndicaat waarvoor hij tijdens de paardenraces de handicap voor de paarden vaststelde. Hij kon op grond zijn waarnemingen beter dan kans voorspellen hoe de race verliep. Niet 100%, maar goed genoeg om er behoorlijk aan te verdienen.

Wederom hebben we hier een vaardigheid te pakken die ons waarschijnlijk jaloers maakt. Maar het laat ook zien dat je door middel van observatie van gedrag dichter bij de waarheid of bij een diepere waarheid komt. Hoewel je verschrikkelijk moet oppassen met te kort door de bocht interpreteren van (non)-verbaal gedrag zijn er dus wel degelijk duidelijke aanwijzingen dat dergelijke observaties je kunnen helpen in het beoordelen van waarheid versus leugen.

Het is een leerling van Silvan Tomkins geweest die zijn vaardigheid meetbaar en trainbaar heeft gemaakt. Paul Ekman had van Tomkins geleerd dat expressies in het gezicht veel betekenis hadden. Ekman en anderen brachten alle gezichtsbewegingen in kaart in een taxonomie dat het Facial Coding-systeem heet. Er bestaan zo’n 43 gezichtsspieren die bij elkaar ongeveer 10.000 verschillende verschijningsvormen hebben. Daarbij zijn er gelukkig een heleboel onzinnige combinaties mogelijk, maar een aantal hangen samen met betekenisvolle emotionele expressies. Sommige van die expressie zijn zo snel dat onze hersenen ze niet kunnen tegenhouden. Dit zijn expressies die 1/5 van een seconde of korter duren en die de meeste van ons gewoonweg niet zien of als ruis en betekenisloos registeren. Omdat deze expressies niet door zelfcensuur zijn tegen te houden geven ze een uniek inkijkje in wat mensen echt voelen. Dus als jij geïrriteerd bent, maar het niet wil laten zien, is de emotie onwillekeurig de eerste 1/5 van een seconde van de emotie wel zichtbaar (1/5 van een seconde is de tijd die hersenen nodig hebben om de zelfcensuur aan te zetten).

Een voorbeeld uit eigen stal: Zo was ik afgelopen zomer in parijs alwaar mijn vriendin op zoek was naar haar favoriete parfum. Zo kon het gebeuren dat ik mij in een parfumerie bevond ergens in Parijs. De verkoper vroeg of ik soms ook op zoek was naar een geurtje. Bij wijze van grap zei ik dat ik zo mijn eigen 'flavour' had. Heel even, in een fractie van een seconde, zag ik een rimpeling in zijn neus. Deze rimpeling ontstaat wanneer mensen walging voelen en heeft van oorsprong de evolutionaire functie giftige stoffen te weren. De rimpeling is een gevolg van het dichtknijpen van de neus. Direct na het verdwijnen van die rimpeling antwoordde hij vriendelijk en met een glimlach dat dat helemaal oké was.

Helaas deden de spieren rond de ogen bij die lach niet mee. Je kunt je mond laten lachen door de mondhoeken omhoog te doen, maar de spieren rond de ogen staan niet in verbinding met het planningscentrum in de hersenen. De consequentie hiervan is dat je een gemeende lach in de ogen niet kunt afdwingen. De verkoper probeerde dus professioneel te reageren en dat pleit voor hem, maar helemaal oprecht was hij niet. Uiteraard wordt er vanuit zijn rol vriendelijkheid en klantgerichtheid verwacht. Hij zal dan ook nooit zeggen wat hij werkelijk voelde namelijk die 'flavour' van jou lijkt me verschrikkelijk en ik zou graag alle contact direct met je verbreken. Deze tekst stond min of meer op zijn voorhoofd geschreven. Doordat expressies en met name micro-expressies erg moeilijk te faken zijn, hebben ze een zeer hechte relatie met de waarheid.

Maar, voorzichtigheid is geboden bij het interpreteren. De alternatieve verklaring dan dat de parfumist mijn geur walgelijk zou vinden zou bijvoorbeeld kunnen zijn dat hij net aan het etentje van gisteren moest denken wat hem niet zo beviel. Hoewel het zien van een rimpeling zeer betrouwbare informatie geeft over wat iemand voelt, kunnen we nooit 100% zeker weten waar dat gevoel betrekking op heeft.

De observaties van Freud, het verhaal van Oliver Sacks en de ideeën van Silvan Tomkins en Paul Ekman hebben mij er in elk geval van overtuigd dat het mogelijk moet zijn om beter te worden in het detecteren van leugens en bedrog. Ze hebben mij in beweging gezet om op onderzoek uit te gaan. Ik las alles wat er te lezen valt op dit gebied en sprak met vele deskundigen. Het resultaat vindt je in het recent verschenen boek: Ik weet dat u liegt.

Reactie toevoegen

Plain text

  • Geen HTML toegestaan.
  • Regels en paragrafen worden automatisch gesplitst.